Gilbert AMOURETTE

Abdijstraat 17

3001 Leuven

Tel.: 016-40 54 22

Leuven, 14 oktober 2004

Betreft: Parkeren in de abdijsite.

Geachte Heer, Mevrouw,

Na het aanhoren van de verschillende betogen, op de infovergadering, over de toekomst van de Parkabdij wens ik het stadsbestuur, de initiatiefnemers van het renoveringsplan van harte te feliciteren.

Als bewoner rond de abdijsite en sedert mijn jeugd opgegroeid in en rond deze site wil ik toch enkele bedenkingen maken over het parkeerprobleem dat op deze vergadering ter discussie kwam.

Het project, dat hopelijk nog voor wijziging vatbaar is, voorziet een parking op het terrein, waar in 1970, kweekbakken voor vis werden gebouwd (= ZONE A).

Een idee dat verdedigbaar is en de uitvoering ervan zeker door de omwonenden zou geapprecieerd worden, is een parkeerzone (= ZONE B) te voorzien op de Kapelbeemd, het drassig driehoekig gebied omsloten door de Leeuwenpoort, de spoorwegberm, de muur in het verlengde van de Mariapoort en de toegangsdreef tot de site.

Laat mij toe dit idee even positief te benaderen.

1.  Vanaf de Geldenaaksebaan kan een rechtstreekse inrit tot deze parking aangelegd worden, en dit tussen de Leeuwenpoort en de spoorwegberm.

2. Indien nodig kunnen omwonenden, die nu parkeren voor en achter de Leeuwenpoort van deze parking ook genieten, waardoor de Geldenaaksebaan wordt ontlast.

3.  De dreef tussen de Leeuwenpoort en de Mariapoort komt aldus gedeeltelijk verkeersvrij, wat ten goede komt aan fietsers en voetgangers. De bezoekers die door bussen afgezet worden aan de Leeuwenpoort kennen dan een rustige toegangsdreef tot de abdijsite.

4.  De aldus relatief verkeersvrije dreef kan langs de parkeerzone beplant worden, zodat het zicht op de parking aan de voetgangers onttrokken wordt.

5.  Men kan de parking verlaten langs de Abdijdreef vóór de Mariapoort om de abdij te bezoeken.

6.  Het bouwen van een brug over de Molenbeek en vóór de Mariapoort, om parking (ZONE A) te bereiken, wordt aldus vermeden. Deze brug zou het mooie toegangszicht op de Mariapoort sterk benadelen zeker met de geparkeerde auto's rechts achter deze poort.

7.   Onteigeningen voor de aanleg van de brug worden vermeden.

8.  De plaats waar nu de parking is voorzien (ZONE A) moet gesaneerd worden (uitbreken van de betonnen vijvers) en kan mooi beplant worden. Wandelaars langs de vijvers krijgen geen zicht op een parking, maar worden verwelkomd door een groen en waterrijk gebied langs de Leibeek aan weerszijden van de wandelweg.

9.  De molen op de Molenbeek zal volgens plan gerestaureerd worden en als aantrekkingspool dienen om rustig te verpozen aan de vijver. De bezoekers zouden dan geconfronteerd worden met een erg storende parking in ZONE A.

10. Automobilisten die er zouden parkeren moeten deze parking verlaten en terugkeren over de te bouwen brug om langs de Mariapoort de site te betreden.

11. De bewoners langs de Geldenaaksebaan met hun tuin grenzend aan dit gebied (ZONE A), kunnen blijven genieten van het zicht op de molen, de vijvers en de groene omgeving indien de parking er niet wordt aangelegd.

12. Door de hogere ligging van de huizen in de Abdijstraat kan het zicht op de parking (ZONE B), zelfs omgeven door een groen scherm, niet onttrokken worden. In deze straat komen eveneens veel wandelaars (een wandelpad wordt voorzien tussen de Abdijstraat en de vijverszone) die genieten van het overzicht op de vijvers en de abdijgebouwen, maar dan, een parking tegenover de eerste vijver in het vizier krijgen.

13. Bij de eventuele bouw van de parking in ZONE B en de aanleg van de hoofdriool van de abdijsite, kan deze zone indien nodig gedraineerd worden. Daar dit driehoekig gebied meer dan voldoende groot is om 150 auto's een plaats te geven, kan men eventueel denken aan het blootleggen van een oud vivarium, die op een zijarm van de Molenbeek lag, en dit om de parkeerzone historisch aantrekkelijker te maken.

Het voorgestelde parkeergebied (ZONE B) was voor 1950 beplant met cultuurgewassen van de hoveniers van Park. Mijn grootvader en later mijn vader teelden samen met andere hoveniers plantgoed en groentegewassen die zeer goed op deze vochtige gronden gedijden. Later werd deze zone ingepalmd door wildgroei van bomen en planten.

Een reden om deze parking daar niet aan te leggen zou zijn dat dit gebied moet bewaard blijven als "ecologisch waardevol gebied", waar enkel deskundigen zich kunnen uitleven, maar voor velen een drassig bosje is, dat nuttiger kan gebruikt worden.

Ik hoop hiermee alle medewerkers aan het project rond de abdijsite enkele aanvullende ideeën en mogelijkheden ter overweging aan te bieden. Totaal belangloos denk ik toch even aan de ganse omwonende parkgemeenschap, waarmee men meer in dialoog zou moeten treden en die met deze verandering van parkeerzone A naar B ten zeerste zou gediend zijn.

Met de meeste achting groet U,
Gilbert AMOURETTE